De terugbetalingsmodaliteiten
Er bestaan 5 terugbetalingscategorieën: categorie A, B, C, Cs en Cx. Het toekennen van de categorieën gebeurt door de minister van Sociale Zaken op basis van het voorstel van de Commissie Tegemoetkoming Geneesmiddelen (CTG). De toegekende terugbetalingscategorie geeft aan in welke mate de verplichte verzekering tussenkomt in de kosten.
Categorie A omvat “de levensnoodzakelijke specialiteiten” (volledige terugbetaling). De “therapeutisch belangrijke farmaceutische specialiteiten” zijn opgenomen in categorie B (grotendeels terugbetaald). De “geneesmiddelen bestemd voor symptomatische behandeling” zijn opgenomen in categorie C (gedeeltelijk terugbetaald). De geneesmiddelen waarvoor geen terugbetaling voorzien is, zijn opgenomen in categorie D. Voor informatie betreffende de terugbetaling van magistrale bereidingen zie
www.riziv.fgov.be/drug/nl/drugs/magisterial-preparations/index.htm
In het Repertorium wordt voor elke vergoedbare verpakking (behalve voor de geneesmiddelen voor hospitaalgebruik: H.G.) de terugbetalingscategorie in het kader van het RIZIV vermeld; soms verschilt de terugbetaling van een bepaalde specialiteit naargelang de indicatie.
De letter die de terugbetalingscategorie aanduidt, kan
-
- gevolgd zijn door het teken
: terugbetaling in hoofdstuk IV; dit betekent in de meeste gevallen slechts na akkoord van de adviserend geneesheer van de verzekeringsinstelling (a priori controle); voor sommige van deze specialiteiten volstaat het dat de behandelende arts op het voorschrift een specifieke vermelding aanbrengt, bv. "derdebetalersregeling van toepassing”;
- gevolgd zijn door het teken
: terugbetaling in hoofdstuk II, d.w.z. zonder voorafgaand akkoord van de adviserend geneesheer, maar met mogelijkheid van a posteriori controle;
- gevolgd zijn door de letter J: deze letter wijst op de speciale tegemoetkoming door het RIZIV voor de anticonceptieve middelen voor vrouwen jonger dan 21 jaar (zie "Goed om te weten” van 23 april 2004);
- vervangen zijn door de letter h: terugbetaling slechts in kliniekverband;
- vervangen zijn door de afkorting Chr: deze afkorting wijst op de speciale tegemoetkoming door het RIZIV bij bepaalde patiënten met persisterende chronische pijn.
In verband met a priori en a posteriori controle, zie website van het RIZIV (
www.riziv.fgov.be, rubriek "Geneesmiddelen en andere farmaceutische verstrekkingen”). Voor de geneesmiddelen die terugbetaald worden in hoofdstuk II of IV kan op onze website (
www.bcfi.be) doorgeklikt worden naar de terugbetalingsvoorwaarden zoals deze zijn vastgelegd door het RIZIV (klikken op het symbool of
); indien het RIZIV een specifiek aanvraagformulier voor terugbetaling voorziet, kan dit formulier op onze website gedownload worden.
Sinds 1 april 2010 is een gewijzigd honoreringssysteem voor apothekers en groothandelaars van toepassing voor geneesmiddelen opgenomen op de lijst van de vergoedbare farmaceutische specialiteiten afgeleverd in een apotheek opengesteld voor het publiek; het persoonlijk aandeel van de patiënt (niet opgenomen in ziekenhuis) wordt berekend uitgaande van de vergoedingsbasis van het geneesmiddel op het niveau buiten bedrijf (VBex fact) [
zie Folia mei 2010].
Het remgeldplafond is het maximumbedrag dat een patiënt aan remgeld betaalt voor een geneesmiddel terugbetaald in categorie b of c. In Tabel Ib worden de remgeldplafonds getoond die nu gelden (situatie op 1 januari 2011).
Tabel Ib. Remgeldplafonds
| | Gewoon verzekerden | Rechthebbenden op verhoogde tegemoetkoming (inclusief OMNIO-statuut) |
|
Terugbetalingscategorie b
Terugbetalingscategorie b - “grote verpakkingen” |
€ 11,00
€ 13,70 |
€ 7,30
€ 9,00 |
|
Terugbetalingscategorie c |
€ 13,70 |
€ 9,00 |
- Voor informatie betreffende “verhoogde tegemoetkoming” en het OMNIO-statuut, zie
www.riziv.fgov.be/citizen/nl/medical-cost/index.htm
- Onder "grote verpakking” wordt verstaan elke publieksverpakking die meer dan 60 gebruikseenheden bevat (met uitzondering van de infuusvloeistoffen en -oplossingen, de inhalatieproducten voor nasaal en pulmonair gebruik en de zalven). Onder gebruikseenheid wordt verstaan de unidosis of, in geval van multidosis, de standaardeenheid zijnde 1 g, 1 ml of 1 dosis, of 1 liter voor zuurstof.
Voor gehospitaliseerde patiënten is de persoonlijke tussenkomst voor vergoedbare specialiteiten forfaitair vastgelegd op € 0,62 per hospitalisatiedag. Op 1 juli 2006 werd een forfaitarisering van de farmaceutische specialiteiten in het ziekenhuis ingevoerd (meer informatie via
www.riziv.fgov.be/care/nl/hospitals/specific-information/forfaitarisation/index.htm).
Sinds enkele jaren bestaat het systeem van "referentieterugbetaling” indien voor een specialiteit een goedkopere vergoedbare "referentie” beschikbaar is (dikwijls een "generische specialiteit” of een "kopie”). Dit heeft als gevolg dat de patiënt soms een hogere persoonlijke bijdrage (remgeld) betaalt wanneer de duurdere specialiteit wordt voorgeschreven en afgeleverd: het remgeld voor de patiënt wordt verhoogd met het eventuele verschil tussen de publieksprijs en de vergoedingsbasis ("supplement bij het remgeld”). Sinds 1 april 2010 bedraagt dit “supplement” nog maximaal 10,80 euro (door de invoering van de “veiligheidsmarge”). Meer informatie hierover kan gevonden worden op de website van het RIZIV (
www.riziv.fgov.be/drug/nl/drugs/general-information/refunding-reference/index.htm).
Bovendien wordt er bij elke arts vanaf 1 april 2006 op toegezien in hoeverre hij bij het voorschrijven van vergoedbare specialiteiten, tracht rekening te houden met hun kostprijs. Daartoe wordt vanaf die datum, telkens per periode van 6 maanden, nagegaan hoeveel "goedkope geneesmiddelen” (afgeleverd in een apotheek opengesteld voor het publiek) de arts voorschrijft, in percentage van zijn totaal aan voorgeschreven vergoedbare specialiteiten.
Dit maakt dat, in verband met het remgeld en in verband met de controle op het voorschrijven van "goedkope geneesmiddelen”, twee categorieën geneesmiddelen te onderscheiden zijn.
- Geneesmiddelen zonder supplement bij het remgeld. Het gaat om volgende specialiteiten:
- De "goedkope geneesmiddelen”: generieken, kopieën, en originele specialiteiten die opgenomen zijn in het referentieterugbetalingssysteem en voldoende gedaald zijn in prijs. Deze "goedkope geneesmiddelen” worden in dit Repertorium en op onze website aangeduid met het symbool
).
- De geneesmiddelen die niet behoren tot de categorie "goedkope geneesmiddelen”, maar waarvoor toch geen supplement bij het remgeld wordt gevraagd omdat er nog geen "goedkoop” alternatief met hetzelfde actief bestanddeel bestaat. Deze specialiteiten worden in dit Repertorium en op onze website aangeduid met het symbool
.
- Geneesmiddelen met supplement bij het remgeld.
- Dit zijn de originele specialiteiten waarvoor een "goedkoop” alternatief met hetzelfde actief bestanddeel bestaat en die opgenomen zijn in het
referentieterugbetalingssysteem, maar waarvan de prijs niet of onvoldoende is gedaald. Vanzelfsprekend behoren deze specialiteiten niet tot de categorie "goedkope geneesmiddelen”.
Deze specialiteiten worden in dit Repertorium en op onze website aangeduid met het symbool
).
De prijsvergelijkingstabellen op onze website (door aanklikken van het euro-symbool ter hoogte van de verpakking), en in de brochure "Memento-Farma. Kostprijs van geneesmiddelen: gids” (uitgave van het RIZIV en het BCFI, 1 juli 2010, ook te raadplegen via
www.riziv.fgov.be/drug/nl/drugs/brochure/mementopharma/index.htm) laten toe om de specialiteiten met eenzelfde actief bestanddeel of met dezelfde actieve bestanddelen, snel te vergelijken wat betreft kostprijs en wat betreft symbolen
, en .
Alle geneesmiddelen die worden voorgeschreven op stofnaam (zie hoger) worden gerekend onder de "goedkope geneesmiddelen”, en tellen dus mee voor het percentage "goedkope geneesmiddelen”.
|