Inleiding
- Voorwoord
- Plaatsbepaling
- Indicaties
- Posologie en posologie-aanpassing
- Plasmaconcentratiemonitoring
- Ongewenste effecten
- Interacties
- Gebruik van geneesmiddelen bij zwangerschap
- Gebruik van geneesmiddelen bij borstvoeding
- Overschakelen van de ene specialiteit naar de andere
- Wat uitleg bij het repertorium
- Terugbetalingsmodaliteiten
- Website van het B.C.F.I.
- Nuttige adressen
- Handboeken
- Tijdschriften
- Websites
- De voornaamste CYP-iso-enzymen
- Alfabetische lijst van substraten, inductoren en inhibitoren
- Geneesmiddelenintoxicaties
- Behandeling van anafylactische reacties
- Geneesmiddelen in de urgentietrousse
- Afkortingen en symbolen
- Voornaamste interacties
   
  INTERACT
    1. Cardiovasculair stelsel
  2. Bloed en stolling
  3. Gastro-intestinaal stelsel
  4. Ademhalingsstelsel
  5. Hormonaal stelsel
  6. Gynecologie-Obstetrie
  7. Urogenitaal stelsel
  8. Pijn en koorts
  9. Osteo-articulaire aandoeningen
  10. Zenuwstelsel
  11. Infecties
  12. Immuniteit
  13. Antitumorale middelen
  14. Mineralen, vitaminen en tonica
  15. Dermatologie
  16. Oftalmologie
  17. Neus-Keel-Oren
  18. Anesthesie
  19. Diagnostica
  20. Diverse geneesmiddelen
  
    Terug naar de hoofdstukken
 
Zoeken in het repertorium
 

Gecommentarieerd Geneesmiddelenrepertorium en français

Geneesmiddelenintoxicaties

Zie Folia januari 2011

Men kan steeds informatie vragen bij het Antigifcentrum (tel. 070 245 245, zie "Nuttige adressen”). Het Antigifcentrum heeft ook een aantal antidota in voorraad (meer informatie via www.antigifcentrum.be).

Planmatige aanpak en behandeling zijn belangrijk.

- In de eerste plaats dient men de vitale functies te beoordelen en zo nodig de klassieke maatregelen voor ondersteuning te nemen. Gedaald bewustzijn door hypoglykemie, koolstofmonoxide of opiaten dient onmiddellijk opgespoord en adequaat behandeld te worden. Dit geldt eveneens voor de epileptische insulten uitgelokt door intoxicaties.

- Vervolgens moet de ernst van de intoxicatie worden ingeschat, steunend op de (hetero-)anamnese, waarbij informatie verzameld wordt in verband met de aard van het ingenomen geneesmiddel, de veronderstelde ingenomen hoeveelheid, het tijdstip van de inname en de eventuele gelijktijdige inname van alcohol. Er dient echter benadrukt dat de anamnese onbetrouwbare gegevens kan opleveren en dit kan leiden tot onderschatting van de ernst van de toestand. Ook gegevens uit klinisch onderzoek zijn belangrijk. Men dient echter voor ogen te houden dat de afwezigheid van symptomen misleidend geruststellend kan zijn (bv. bij paracetamolintoxicatie). In geval van intentionele intoxicatie mogen dringende psychiatrische evaluatie en hulpverlening niet vergeten worden.

- Met uitzondering van glucose en glucagon bij overdosering van hypoglykemiërende geneesmiddelen, zijn specifieke antidota gewoonlijk niet geschikt voor gebruik in de eerste lijn. Een ziekenhuis dat patiënten met een acute intoxicatie opvangt, dient uiteraard een reeks antidota in voorraad te hebben. Het samenstellen van deze lijst gebeurt op basis van klassieke werken i.v.m. klinische toxicologie, en best in overleg met het Antigifcentrum.

- In verband met technieken om gastro-intestinale resorptie tegen te gaan, zijn er geen gerandomiseerde, gecontroleerde studies beschikbaar, en werden op basis van consensus van experten de volgende richtlijnen opgesteld:

  • Actieve kool, als adsorberend middel, is zinvol voor de meeste potentieel gevaarlijke intoxicaties indien het binnen het uur na de intoxicatie wordt toegediend; mogelijk nut bij latere toediening kan evenwel niet uitgesloten worden. Contra-indicaties voor toediening van actieve kool zijn o.a. patiënten met een onbeschermde luchtweg en gedaald bewustzijn met risico van aspiratie.
  • Maagspoeling mag niet routinematig worden toegepast. Factoren zoals de ernst van de intoxicatie, de kans dat een maagspoeling een klinisch belangrijke hoeveelheid zal verwijderen (o.a. afhankelijk van de tijd sinds de inname) en het risico van de procedure (o.a. aspiratie, trauma van de slokdarm), moeten in rekening worden gebracht.
  • Uitlokken van braken met ipecasiroop heeft nagenoeg geen plaats meer.
  • Darmlavage wordt soms toegepast bij sommige intoxicaties, bv. bij een laattijdige presentatie van een potentieel toxische inname van middelen met vertraagde vrijstelling.
  • Voor het gebruik van laxativa bij intoxicaties zijn er geen argumenten.