Inhoudstafel
 
  Inleiding
1. Cardiovasculair stelsel
2. Bloed en stolling
3. Gastro-intestinaal stelsel
3.4.  Anti-emetica
3.4.1.   Gastroprokinetica
3.4.2.   Middelen bij reisziekte
3.4.3.   5HT3-antagonisten
3.4.4.   NK1-antagonisten
4. Ademhalingsstelsel
5. Hormonaal stelsel
6. Gynaeco–Obstetrie
7. Urogenitaal stelsel
8. Pijn en koorts
9. Osteo-articulaire aandoeningen
10. Zenuwstelsel
11. Infecties
12. Immuniteit
13. Antitumorale middelen
14. Mineralen, vitaminen en tonica
15. Dermatologie
16. Oftalmologie
17. Neus-Keel-Oren
18. Anesthesie
19. Diagnostica
20. Diverse geneesmiddelen

  Merknaam:
 A   B   C   D   E   F   G   H   I 
 J   K   L   M   N   O   P   Q   R 
 S   T   U   V   W   X   Y   Z 

  Stofnaam:
 A   B   C   D   E   F   G   H   I 
 J   K   L   M   N   O   P   Q   R 
 S   T   U   V   W   X   Y   Z 

Gecommentarieerd Geneesmiddelenrepertorium   Januari 2012   en français

 

Anti-emetica

 
 

Bij braken wordt vooral gebruik gemaakt van:

  • gastroprokinetica.

Bij braken ten gevolge van chemotherapie worden gebruikt:

  • 5HT3-antagonisten
  • NK1-antagonisten.

In mindere mate is er ook plaats voor:

  • bepaalde H1-antihistaminica (zie 12.4.1.)
  • combinaties van gastroprokinetica en antihistaminica bij reisziekte
  • bepaalde antipsychotica (zie 10.2.)
  • scopolaminehydrobromide (synoniem hyoscinehydrobromide).

Als gastroprokineticum is er geen plaats meer voor:

Plaatsbepaling
  • Symptomatische behandeling van nausea en braken is slechts verantwoord na opsporen van mogelijke oorzaken. Metoclopramide en domperidon zijn het best bestudeerd. Er is geen plaats meer voor cisapride als anti-emeticum.
  • Braken na overdreven inname van voedsel of alcohol vraagt gewoonlijk geen specifieke behandeling.
  • Inname van medicatie kan oorzaak zijn van nausea en braken: de toediening van de verantwoordelijke medicatie zal in de mate van het mogelijke worden stopgezet.
  • Ter preventie van bewegingsziekte (reisziekte) kan voor gevoelige personen medicamenteuze preventie overwogen worden (zie 3.4.).
  • Nausea en braken bij het begin van de zwangerschap verdwijnen in de meeste gevallen spontaan of door een aangepast dieet. Slechts in zeldzame gevallen is een anti-emeticum nodig. Daarbij is speciale voorzichtigheid geboden gezien het gaat om de kritische periode van de organogenese, en duidelijke gegevens daaromtrent ontbreken. Metoclopramide en, bij hyperemesis gravidarum, het H1-antihistaminicum promethazine zijn te verkiezen [zie Folia juni 2002].
  • Bepaalde cytostatica en radiotherapie kunnen misselijkheid en braken veroorzaken, wat (preventief) toedienen van anti-emetica noodzakelijk maakt. Hiervoor worden meestal 5HT3-antagonisten en NK1-antagonisten gebruikt.
  • Ter preventie van postoperatieve nausea en braken worden vaak geneesmiddelen toegediend zoals droperidol, metoclopramide, scopolamine, H1-antihistaminica (cyclizine), 5HT3-antagonisten en corticosteroïden [zie Folia maart 2003]. Vooral lage doses droperidol en de 5HT3-antagonisten worden gebruikt.