|
- Bij het postprandiaal reactief hypoglykemisch syndroom en bij hypoglykemie na gastrectomie zijn dieetmaatregelen dikwijls voldoende; bij falen ervan kan toediening van acarbose bij de maaltijd nuttig zijn.
- Bij iatrogene hypoglykemie volstaat bij de bewuste patiënt orale toediening van snel resorbeerbare koolhydraten, gevolgd door traag resorbeerbare koolhydraten.
- Bij hypoglykemie door insuline kan glucagon (0,5 tot 1 mg) subcutaan of intramusculair toegediend worden: bij deze lage doses worden als ongewenste effecten alleen nausea en braken gezien. Het nut van toediening van glucagon bij hypoglykemie door hypoglykemiërende sulfamiden wordt betwist.
- Bij ernstige hypoglykemie, bv. coma, dient men glucose intraveneus toe (10 à 15 g, indien nodig te herhalen). Dikwijls worden ampullen aan 3 of 5 g/10 ml gebruikt. Gezien het irriterende karakter van dergelijke hypertone oplossingen, geven sommige artsen de voorkeur aan minder geconcentreerde oplossingen: deze zijn minder irriterend, maar men moet een groter volume toedienen.
- Glucagon, bewaard bij hoogstens 25°C, is 18 maanden houdbaar.
Glucagon
| Glucagen
(Novo Nordisk) |
|
|
|
|
|
 |
| |
| [glucagon (hydrochloride) [biosynthetisch]] |
| hypokit i.m. - i.v. - s.c. |
  |
 |
1 x 1mg + 1 ml spuit solv. |
 |
  |
€ 24,21 |
|