Inhoudstafel
 
  Inleiding
1. Cardiovasculair stelsel
2. Bloed en stolling
3. Gastro-intestinaal stelsel
4. Ademhalingsstelsel
5. Hormonaal stelsel
6. Gynaeco–Obstetrie
7. Urogenitaal stelsel
8. Pijn en koorts
9. Osteo-articulaire aandoeningen
10. Zenuwstelsel
11. Infecties
12. Immuniteit
12.1.  Vaccins
12.1.1.   Antivirale vaccins
12.1.1.1.    Vaccin tegen poliomyelitis
12.1.1.2.    Vaccin tegen mazelen, bof en rubella
12.1.1.3.    Vaccin tegen influenza
12.1.1.4.    Vaccin tegen hepatitis A
12.1.1.5.    Vaccin tegen hepatitis B
12.1.1.6.    Vaccin tegen hepatitis A en hepatitis B
12.1.1.7.    Vaccin tegen rabiës
12.1.1.8.    Vaccin tegen varicella
12.1.1.9.    Vaccin tegen mazelen, bof, rubella en varicella
12.1.1.10.    Vaccin tegen rotavirus
12.1.1.11.    Vaccin tegen humaan papillomavirus
12.1.1.12.    Vaccin tegen gele koorts
12.1.1.13.    Vaccin tegen tekenencefalitis
12.1.1.14.    Vaccin tegen Japanse encefalitis
13. Antitumorale middelen
14. Mineralen, vitaminen en tonica
15. Dermatologie
16. Oftalmologie
17. Neus-Keel-Oren
18. Anesthesie
19. Diagnostica
20. Diverse geneesmiddelen

  Merknaam:
 A   B   C   D   E   F   G   H   I 
 J   K   L   M   N   O   P   Q   R 
 S   T   U   V   W   X   Y   Z 

  Stofnaam:
 A   B   C   D   E   F   G   H   I 
 J   K   L   M   N   O   P   Q   R 
 S   T   U   V   W   X   Y   Z 

Gecommentarieerd Geneesmiddelenrepertorium   Maart 2012   en français

 

Antivirale vaccins

 
 

Antivirale vaccins bevatten levende maar minder virulente (verzwakte) virussen, geïnactiveerde virussen, antigeenextracten van virussen of biogenetisch bekomen antigenen.

De duur van de immuniteit na toediening van een vaccin is wisselend; de graad van immuniteit kan ten dele geëvalueerd worden door het bepalen van de antilichaamtiter. Na vaccinatie met levende verzwakte virussen kan contact met het natuurlijke virus een boosterreactie uitlokken.