{"id":175404,"date":"2022-07-05T00:00:00","date_gmt":"2022-07-04T22:00:00","guid":{"rendered":"https:\/\/www.bcfi.be\/ondanks-enkele-nieuwe-publicaties-blijft-onderbouwing-uit-gerandomiseerde-studies-voor-lagere-streefwaarden-bij-antihypertensieve-behandeling-onvoldoende\/"},"modified":"2026-04-02T19:09:21","modified_gmt":"2026-04-02T17:09:21","slug":"ondanks-enkele-nieuwe-publicaties-blijft-onderbouwing-uit-gerandomiseerde-studies-voor-lagere-streefwaarden-bij-antihypertensieve-behandeling-onvoldoende","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.bcfi.be\/nl\/ondanks-enkele-nieuwe-publicaties-blijft-onderbouwing-uit-gerandomiseerde-studies-voor-lagere-streefwaarden-bij-antihypertensieve-behandeling-onvoldoende\/","title":{"rendered":"Ondanks enkele nieuwe publicaties blijft onderbouwing uit gerandomiseerde studies voor lagere streefwaarden bij antihypertensieve behandeling onvoldoende"},"content":{"rendered":"<div class='summary'>De voorbije jaren scherpten de Amerikaanse en Europese verenigingen van cardiologen in hun hypertensierichtlijnen de streefwaarden bij behandeling aan. We wezen er in onze commentaren op deze richtlijnen op dat deze lagere streefwaarden niet op voldoende evidentie gebaseerd waren.<br \/> Twee in het najaar van 2020 ge&uuml;pdatete Cochrane Reviews bevestigen dat er onvoldoende evidentie is uit gerandomiseerde studies voor een meerwaarde van intensieve bloeddrukverlaging (streefwaarde &lt; 135\/85 mmHg of lager) ten opzichte van minder intensieve bloeddrukverlaging (streefwaarde &lt; 140\/90 mmHg)&#x002C; zowel in de algemene populatie van pati&euml;nten met hypertensie als bij pati&euml;nten met hypertensie &eacute;n bestaand cardiovasculair lijden. Beide reviews tonen beperkte voordelen op vlak van cardiovasculaire morbiditeit&#x002C; maar de verschillen waren niet op alle eindpunten statistisch significant en er was geen winst in termen van cardiovasculaire en totale mortaliteit.<br \/> Twee studies&#x002C; gepubliceerd in de loop van 2021&#x002C; lijken op het eerste zicht bijkomende evidentie te leveren om lagere bloeddrukstreefwaarden te onderbouwen: een meta-analyse van de <em>Blood Pressure Lowering Treatment Trialists&rsquo; Collaboration e<\/em>n de Chinese gerandomiseerde STEP-studie. Bij nader inzien is dit echter niet het geval en kunnen ook deze publicaties onvoldoende bijkomende evidentie leveren om strengere bloeddrukstreefwaarden te onderbouwen.<br \/> Voor sommige subgroepen is er mogelijk wel een voordeel voor intensieve bloeddrukverlaging&#x002C; maar verder onderzoek is noodzakelijk om deze subgroepen af te lijnen.<\/div>\n<p>De grote Amerikaanse en Europese hypertensierichtlijnen scherpten de voorbije jaren de streefwaarden bij behandeling aan. De Amerikaanse richtlijn verruimde zelfs de definitie van hypertensie en verlaagde tegelijkertijd hiermee dan ook de streefwaarden bij behandeling<br \/> (&lt; 130\/80 mmHg)<span class='folia-referentie-nummer'><sup>1<\/sup><\/span>. De Europese richtlijn behield de definitie van hypertensie en in eerste instantie ook de streefwaarde bij behandeling van 140\/90 mmHg&#x002C; maar stelt dat&#x002C; indien de behandeling goed verdragen wordt&#x002C; voor alle pati&euml;nten een lagere streefwaarde nagestreefd zou moeten worden<br \/> (130-139 mmHg systolisch&#x002C; of zelfs lager voor pati&euml;nten jonger dan 65 jaar)<span class='folia-referentie-nummer'><sup>2<\/sup><\/span>. In onze bespreking van beide richtlijnen (zie <a href='https:\/\/www.bcfi.be\/nl\/articles\/2852?folia=2845'>Folia maart 2018<\/a> en <a href='https:\/\/www.bcfi.be\/nl\/articles\/3024?folia=3022'>Folia maart 2019<\/a>) wezen we er al op dat niet alle aanbevelingen in beide richtlijnen&#x002C; waaronder ook deze streefwaarden&#x002C; op voldoende evidentie gebaseerd waren. Vooral de fel bekritiseerde SPRINT-studie (zie <a href='https:\/\/www.bcfi.be\/nl\/articles\/2549?folia=2541'>Folia februari 2016<\/a>) of meta-analyses waarin deze studie het merendeel van de pati&euml;nten leverde&#x002C; liggen aan de grondslag van deze verlaagde streefwaarden.<\/p>\n<h2> Twee <i>Cochrane Reviews<\/i><\/h2>\n<p>Twee in het najaar van 2020 ge&uuml;pdatete <i>Cochrane Reviews<\/i>&#x002C; die beide de SPRINT-studie includeren&#x002C; bevestigen dat er onvoldoende evidentie is uit gerandomiseerde studies voor een meerwaarde van intensieve bloeddrukverlaging (streefwaarde &lt; 135\/85 mmHg of lager) ten opzichte van minder intensieve bloeddrukverlaging (streefwaarde &lt; 140\/90 mmHg)&#x002C; zowel in de algemene populatie van pati&euml;nten met hypertensie als bij pati&euml;nten met hypertensie &eacute;n bestaand cardiovasculair lijden<span class='folia-referentie-nummer'><sup>3&#x002C;4<\/sup><\/span>.<\/p>\n<h3>Algemene populatie van pati&euml;nten met hypertensie<\/h3>\n<p>De review in de algemene populatie van pati&euml;nten met hypertensie vindt beperkte&#x002C; statistisch significante&#x002C; voordelen voor intensieve bloeddrukverlaging op vlak van incidentie van acuut myocardinfarct en congestief hartfalen (en een net niet significant voordeel op vlak van CVA). Er wordt geen voordeel gezien op vlak van cardiovasculaire en totale mortaliteit (zie verder bij &ldquo;+ meer info&rdquo;)<span class='folia-referentie-nummer'><sup>3<\/sup><\/span>. In de analyse van de cardiovasculaire morbiditeit (acuut myocardinfarct&#x002C; CVA en congestief hartfalen) wegen de resultaten van de SPRINT-studie sterk door en vooral door gebrek aan blindering in de meeste studies in de review beschouwen de auteurs deze resultaten als &ldquo;<em>low certainty evidence<\/em>&rdquo;. De resultaten van de analyse van de cardiovasculaire mortaliteit wordt wel als &ldquo;<em>high certainty evidence<\/em>&rdquo; beschouwd.<br \/> Er werd ook een analyse van &ldquo;alle ernstige nadelige gebeurtenissen&rdquo; uitgevoerd. Hierbij groepeert men alle fatale of levensbedreigende gebeurtenissen en alle gebeurtenissen die een interventie of (verlenging van) hospitalisatie vereisen of die leiden tot blijvende beperkingen in functioneren; dit begrip omvat dus zowel ernstige cardiovasculaire events als ernstige ongewenste effecten. Deze analyse toont geen verschil tussen beide strategie&euml;n (zie verder bij &ldquo;+ meer info&rdquo;). Dit lijkt erop te wijzen dat de eventuele voordelen van intensieve bloeddrukverlaging op vlak van cardiovasculaire morbiditeit gecounterd worden door een toename van ernstige ongewenste effecten (hypotensie&#x002C; syncope&#x002C; bradycardie&#x002C; ritmestoornissen&#x002C; hyperkali&euml;mie&#x002C; angio-oedeem en acute of chronische nierinsuffici&euml;ntie).<\/p>\n<h3>Pati&euml;nten met hypertensie &eacute;n bestaand cardiovasculair lijden<\/h3>\n<p>Ook in de review beperkt tot pati&euml;nten met hypertensie &eacute;n bestaand cardiovasculair lijden (voorgeschiedenis van acuut myocardinfarct&#x002C; CVA&#x002C; perifeer arterieel vaatlijden of angina pectoris) wordt geen voordeel gezien van intensieve bloeddrukverlaging op cardiovasculaire en totale mortaliteit<span class='folia-referentie-nummer'><sup>4<\/sup><\/span>. Op vlak van cardiovasculaire events wordt er een beperkt&#x002C; doch statistisch significant voordeel gezien voor intensieve bloeddrukverlaging. Op het vlak van &ldquo;ernstige nadelige gebeurtenissen&rdquo; (hier gedefinieerd als overlijden&#x002C; optreden van cardiovasculaire gebeurtenissen of ernstige ongewenste effecten) wordt geen verschil gezien tussen beide strategie&euml;n (zie verder bij<br \/> &ldquo;+ meer info&rdquo;).<\/p>\n<div class='detailed-content'>\n<table border='1' cellpadding='1' cellspacing='1' style='width:550px;'>\n<tbody>\n<tr>\n<td>&nbsp;<\/td>\n<td style='vertical-align: top;'>Pati&euml;nten met hypertensie<br \/> (Cochrane Arguedas&#x002C;<br \/> N = 11; n = 38 688)<\/td>\n<td style='vertical-align: top;'>Pati&euml;nten met hypertensie &eacute;n bestaand cardiovasculair lijden<br \/> (Cochrane Saiz&#x002C;<br \/> N = 6; n = 9 484)<\/td>\n<\/tr>\n<tr>\n<td style='vertical-align: top;'>Totale mortaliteit<\/td>\n<td style='vertical-align: top;'>4&#x002C;0% vs 4&#x002C;2%<br \/> RR: 0&#x002C;95<br \/> 95% BI: 0&#x002C;86 tot 1&#x002C;05<\/td>\n<td style='vertical-align: top;'>72\/1000 vs 68\/1000<br \/> RR: 1&#x002C;06<br \/> 95% BI: 0&#x002C;91 tot 1&#x002C;23<\/td>\n<\/tr>\n<tr>\n<td style='vertical-align: top;'>Cardiovasculaire mortaliteit<\/td>\n<td style='vertical-align: top;'>geen absolute risico&rsquo;s gerapporteerd<br \/> RR: 0&#x002C;90<br \/> 95% BI: 0&#x002C;75 tot 1&#x002C;06<\/td>\n<td style='vertical-align: top;'>32\/1000 vs 31\/1000<br \/> &nbsp;<br \/> RR: 1&#x002C;03<br \/> 95% BI: 0&#x002C;82 tot 1&#x002C;29<\/td>\n<\/tr>\n<tr>\n<td style='vertical-align: top;'>Acuut myocardinfarct<\/td>\n<td style='vertical-align: top;'>2&#x002C;1% vs 2&#x002C;5%<br \/> RR: 0&#x002C;84<br \/> 95% BI: 0&#x002C;73 tot 0&#x002C;96<\/td>\n<td style='vertical-align: top;'>&#8211;<\/td>\n<\/tr>\n<tr>\n<td style='vertical-align: top;'>CVA<\/td>\n<td style='vertical-align: top;'>2&#x002C;2% vs 2&#x002C;5%<br \/> RR: 0&#x002C;88<br \/> 95% BI: 0&#x002C;77 tot 1&#x002C;01<\/td>\n<td style='vertical-align: top;'>&#8211;<\/td>\n<\/tr>\n<tr>\n<td style='vertical-align: top;'>Congestief hartfalen<\/td>\n<td style='vertical-align: top;'>1&#x002C;9% vs 2&#x002C;5%<br \/> RR: 0&#x002C;75<br \/> 95% BI: 0&#x002C;60 tot 0&#x002C;92<\/td>\n<td style='vertical-align: top;'>&#8211;<\/td>\n<\/tr>\n<tr>\n<td style='vertical-align: top;'>Totaal aantal cardiovasculaire events<\/td>\n<td style='vertical-align: top;'>&#8211;<\/td>\n<td style='vertical-align: top;'>113\/1000 vs 127\/1000<br \/> RR: 0&#x002C;89<br \/> 95% BI: 0&#x002C;80 tot 1&#x002C;00<\/td>\n<\/tr>\n<tr>\n<td style='vertical-align: top;'>Ernstige nadelige gebeurtenissen<\/td>\n<td style='vertical-align: top;'>30&#x002C;3% vs 29&#x002C;1%<br \/> RR: 1&#x002C;04<br \/> 95% BI: 0&#x002C;99 tot 1&#x002C;08<\/td>\n<td style='vertical-align: top;'>255\/1000 vs 252\/1000<br \/> RR: 1&#x002C;01<br \/> 95% BI: 0&#x002C;94 tot 1&#x002C;08<\/td>\n<\/tr>\n<\/tbody>\n<\/table><\/div>\n<h3>Enkele bedenkingen<\/h3>\n<ul>\n<li>\n<p>De resultaten van de Cochrane review in de algemene populatie van pati&euml;nten met hypertensie zijn enerzijds congruent met een aantal eerder uitgevoerde reviews. Anderzijds <b>contrasteren<\/b> ze met de resultaten van sommige andere reviews en ook met de hoger vermelde richtlijnen<span class='folia-referentie-nummer'><sup>1&#x002C;2<\/sup><\/span>. De auteurs geven hiervoor meerdere <b>verklaringen<\/b>.<\/p>\n<ul>\n<li>\n<p>De auteurs van de Cochrane reviews opteerden ervoor om enkel studies te includeren die in beide groepen de actueel vooropgestelde streefwaarden voor intensieve en minder intensieve bloeddrukregeling hanteren&#x002C; terwijl andere reviews ook oudere studies includeerden met ondertussen voorbijgestreefde grenswaarden in &eacute;&eacute;n of beide groepen.<\/p>\n<\/li>\n<li>\n<p>Sommige andere reviews voerden hun analyses ook uit op basis van effectief bereikte bloeddrukwaarden in plaats van nagestreefde bloeddrukwaarden&#x002C; waardoor de randomisatie te niet gedaan werd.<\/p>\n<\/li>\n<li>\n<p>Sommige andere reviews includeerden studies die standaarddosissen van antihypertensiva vergeleken met hoge dosissen&#x002C; zonder dat er echt sprake was van dosisaanpassingen in functie van streefwaarden.<\/p>\n<\/li>\n<li>\n<p>Sommige andere reviews maakten ook gebruik van indirecte vergelijkingen (netwerkmeta-analyse).<\/p>\n<\/li>\n<li>\n<p>Vaak werd er geen of onvoldoende rekening gehouden met de nadelige effecten van intensieve bloeddrukverlaging.<\/p>\n<\/li>\n<li>\n<p>De auteurs van de Cochrane review excludeerden ook enkele studies die de streefwaarden niet uitdrukten in systolische en\/of diastolische bloeddruk (maar bijvoorbeeld in gemiddelde 24uurs-bloeddruk).<\/p>\n<\/li>\n<\/ul>\n<\/li>\n<li>\n<p>De pati&euml;nten in de Cochrane review in de algemene populatie van hypertensiepati&euml;nten waren eerder oud (gemiddelde leeftijd 63 jaar) en hadden een matig tot hoog cardiovasculair risico; de resultaten mogen niet zomaar naar andere populaties ge&euml;xtrapoleerd worden. De auteurs sluiten niet uit dat er voor sommige subgroepen wel een voordeel zou kunnen zijn voor intensieve bloeddrukverlaging&#x002C; maar verder onderzoek is noodzakelijk om deze subgroepen af te lijnen.<\/p>\n<\/li>\n<li>\n<p>Op basis van de resultaten van de Cochrane review bij pati&euml;nten met hypertensie &eacute;n bestaand cardiovasculair lijden lijkt dit niet het geval te zijn voor deze pati&euml;nten. Een beperking van deze review is dat geen enkele van de opgenomen studies uitsluitend pati&euml;nten met bestaand cardiovasculair lijden includeerde: er werden enkel subgroepen van (veel) grotere studies gebruikt in de analyses. De auteurs wijzen er op dat er momenteel 3 grote studies lopen specifiek bij deze populatie. Zij zullen mogelijk een duidelijker beeld kunnen scheppen.<\/p>\n<\/li>\n<li>\n<p>Het eindpunt &ldquo;ernstige nadelige gebeurtenissen&rdquo; was slechts in een minderheid van de ge&iuml;ncludeerde studies een eindpunt; voor de andere studies werd dit door de auteurs van de review berekend op basis van de beschikbare gegevens (data in verband met andere eindpunten en ongewenste effecten)&#x002C; wat niet steeds eenvoudig en soms zelf onmogelijk was. De auteurs geven aan dat dit een bron van bias kan zijn.<\/p>\n<\/li>\n<li>\n<p>De auteurs hekelen ook de gebrekkige rapportage van ongewenste effecten in de ge&iuml;ncludeerde studies&#x002C; waardoor afwegen van voor- en nadelen bemoeilijkt werd.<\/p>\n<\/li>\n<\/ul>\n<h2> De meta-analyse van de <i>Blood Pressure Lowering Treatment Trialists&rsquo; Collaboration <\/i>(BPLTTC) en de STEP-studie<\/h2>\n<p>Twee studies&#x002C; gepubliceerd in de loop van 2021&#x002C; lijken op het eerste zicht bijkomende evidentie te leveren uit gerandomiseerde studies om lagere bloeddrukstreefwaarden uit sommige richtlijnen verder te onderbouwen. Bij nader inzien is dit echter niet het geval.<\/p>\n<h3>De meta-analyse van de <i>Blood Pressure Lowering Treatment Trialists&rsquo; Collaboration <\/i>(BPLTTC)<\/h3>\n<p>Enerzijds is er de grote meta-analyse<span class='folia-referentie-nummer'><sup>5<\/sup><\/span> (48 studies&#x002C; 344 716 deelnemers) van de <em>Blood Pressure Lowering Treatment Trialists&rsquo; Collaboration<\/em> (BPLTTC) die claimt dat elke 5 mmHg verlaging van de systolische bloeddruk gepaard zou gaan met een afname met 10% van het aantal cardiovasculaire events&#x002C; onafhankelijk van de uitgangsbloeddrukwaarden van de pati&euml;nt of van de aan- of afwezigheid van cardiovasculaire aandoeningen. De afname van het aantal cardiovasculaire events ging echter niet gepaard met een daling van de totale mortaliteit. De auteurs pleiten ervoor dat&#x002C; op basis van hun bevindingen&#x002C; alle pati&euml;nten met matig tot hoog cardiovasculair risico een antihypertensieve behandeling zouden moeten krijgen&#x002C; zelfs al hebben ze bloeddrukwaarden die actueel als normaal beschouwd worden.<\/p>\n<p> Deze meta-analyse includeert echter niet alleen studies die een bloeddrukcontrole met strikte streefwaarden vergelijken met een bloeddrukcontrole met minder strikte streefwaarden (slechts 8 van de 48 ge&iuml;ncludeerde studies). Ook placebogecontroleerde studies en studies die verschillende soorten bloeddrukmedicatie onderling vergelijken (zonder dat er effectief sprake is van een intensief of minder intensief behandelde groep) werden opgenomen. Ze is dus geenszins te beschouwen als een studie over strenge versus minder strenge bloeddrukstreefwaarden. Het is onzeker of de bevindingen van deze meta-analyse ge&euml;xtrapoleerd mogen worden naar de algemene populatie&#x002C; zeker voor wat betreft personen met normale bloeddrukwaarden volgens de huidige richtlijnen. Daarnaast is er in deze analyse totaal geen aandacht voor ongewenste effecten zodat het afwegen van eventuele voordelen van strengere bloeddrukstreefwaarden ten opzichte van de mogelijke nadelen ervan onmogelijk is.<\/p>\n<div class='detailed-content'>Deze grote meta-analyse met individuele pati&euml;ntgegevens includeerde 48 studies met in totaal 344 716 deelnemers. Zowel placebogecontroleerde studies als studies die &eacute;&eacute;n of meerdere antihypertensieve behandelingen met elkaar vergeleken of studies die een intensieve met een minder intensieve hypertensiebehandeling vergeleken werden ge&iuml;ncludeerd. Het primaire eindpunt was een samengesteld eindpunt van fataal en niet-fataal CVA&#x002C; fataal en niet fataal ischemisch hartlijden en hartfalen leidend tot overlijden of ziekenhuisopname.<br \/> Na een gemiddelde follow up van iets meer dan 4 jaar deed het primaire eindpunt zich significant minder vaak voor in de interventiegroep dan in de comparatorgroep. De Hazard Ratio&#x002C; gestandaardiseerd naar een systolisch bloeddrukverschil van 5 mmHg tussen beide groepen&#x002C; bedroeg 0&#x002C;90 (95% BI 0&#x002C;88 tot 0&#x002C;92). In vooraf geplande subgroepanalyses bleek dit resultaat onafhankelijk te zijn van de uitgangsbloeddrukwaarde en van de aan- of afwezigheid van cardiovasculair lijden bij aanvang van de studie. Op vlak van cardiovasculaire mortaliteit was er een beperkt&#x002C; maar statistisch significant verschil in het voordeel van de interventiegroep (HR 0&#x002C;95; 95% BI 0&#x002C;92 tot 0&#x002C;99)&#x002C; maar op vlak van globale mortaliteit werd er geen voordeel vastgesteld (secundaire eindpunten).<br \/> De auteurs pleiten ervoor dat op basis van hun bevindingen alle pati&euml;nten met matig tot hoog cardiovasculair risico een antihypertensieve behandeling zouden moeten krijgen&#x002C; zelfs al hebben ze bloeddrukwaarden die actueel als normaal beschouwd worden.<\/p>\n<p> Enkele bemerkingen: <\/p>\n<ul>\n<li>Deze meta-analyse is geenszins te beschouwen als een studie over strenge versus minder strenge streefwaarden. Slechts 8 van de 48 studies vergeleken een intensieve met een minder intensieve behandeling. Drie van deze studies werden bovendien door de auteurs van bovenstaande Cochrane-reviews ge&euml;xcludeerd omdat de gehanteerde streefwaarden in &eacute;&eacute;n of beide groepen niet overeenkomen met de huidige streefwaarden.<\/li>\n<li>Het is vreemd dat in deze meta-analyse placebogecontroleerde studies&#x002C; onderling vergelijkende studies en studies die intensieve met minder intensieve behandelingen met elkaar vergelijken samen worden geanalyseerd. Vooral de toewijzing van verschillende groepen uit de onderling vergelijkende studies aan de interventie- dan wel de comparatorgroep&#x002C; is heel discutabel (de groep die de grootste bloeddrukdaling bekwam&#x002C; werd beschouwd als de interventiegroep&#x002C; de andere groep(en) als de comparatorgroep; in sommige gevallen waren de bloeddrukverschillen tussen beide groepen minimaal&#x002C; zodat de toewijzing aan de verschillende groepen eerder arbitrair lijkt). Zo kan het dat een bepaalde behandeling&#x002C; afhankelijk van waarmee ze vergeleken werd&#x002C; nu eens als interventie en dan eens als comparator werd beschouwd.<\/li>\n<li>De auteurs identificeerden aanvankelijk 100 potentieel interessante studies&#x002C; maar ongeveer van de helft ervan werden geen individuele pati&euml;ntgegevens bekomen en deze werden niet meegenomen in de analyse. Zo ook 2 relatief grote studies over intensieve versus minder intensieve behandeling die w&eacute;l ge&iuml;ncludeerd werden in bovenstaande Cochrane-reviews.<\/li>\n<li>Personen met een systolische bloeddruk bij aanvang van de studie van 130 mmHg of minder maken slechts een klein deel van de populatie uit en verhoudingsgewijs bevat deze groep meer pati&euml;nten met bestaand cardiovasculair lijden. Of de bevindingen van deze studie&#x002C; en zeker deze bij personen met een normale bloeddrukwaarde&#x002C; zomaar ge&euml;xtrapoleerd worden naar de algemene populatie valt te betwijfelen.<\/li>\n<li>Gegevens over ongewenste effecten werden in deze meta-analyse niet verzameld of geanalyseerd. We weten dus niet of de voordelen op vlak van cardiovasculaire eindpunten gepaard gaan met een toename van ongewenste effecten en het is op basis van deze studie onmogelijk om de voor- en nadelen van striktere bloeddrukcontrole tegen elkaar af te wegen.<\/li>\n<\/ul><\/div>\n<h3>De STEP-studie<\/h3>\n<p>Anderzijds is er de grote Chinese STEP-studie (8 511 deelnemers)&#x002C; gepubliceerd in het najaar van 2021&#x002C; die internationaal veel weerklank kreeg<span class='folia-referentie-nummer'><sup>6<\/sup><\/span>. In deze gerandomiseerde studie bij oudere pati&euml;nten met hypertensie of reeds onder antihypertensieve behandeling deden zich significant minder cardiovasculaire events voor in de groep met een strengere bloeddrukstreefwaarde (110-130 mmHg systolisch) dan in de groep met een minder strenge bloeddrukstreefwaarde (130-150 mmHg systolisch). Er was geen significant verschil tussen beide groepen op vlak van cardiovasculaire of globale mortaliteit. Pati&euml;nten in de groep met striktere bloeddrukstreefwaarden hadden wel significant vaker last van hypotensie.<br \/> De studie werd uitgevoerd in een uitsluitend Chinese populatie. De pathofysiologie en risicofactoren van hypertensie en cardiovasculaire aandoeningen in de Oosterse populatie verschillen sterk van deze in de Westerse populatie en de resultaten kunnen dus niet zomaar naar andere populaties ge&euml;xtrapoleerd worden. Daarnaast ligt de bovengrens van de streefwaarden in de minder intensief behandelde groep boven de streefwaarden in de huidige richtlijnen.<\/p>\n<div class='detailed-content'>Deze grote Chinese studie (8 511 deelnemers) werd uitgevoerd bij oudere pati&euml;nten (60 tot 80 jaar&#x002C; maar 75% jonger dan 70 jaar) met hypertensie of reeds onder antihypertensieve behandeling en in de overgrote meerderheid van de gevallen zonder bestaand cardiovasculair lijden. Men vergeleek een streefwaarde voor de systolische bloeddruk van 130-150 mmHg met een striktere streefwaarde van 110-130 mmHg. Na een mediane follow up van 3&#x002C;34 jaar was de incidentie van het samengestelde primaire eindpunt (CVA&#x002C; acuut myocardinfarct&#x002C; acuut gedecompenseerd hartfalen&#x002C; coronaire revascularisatie&#x002C; VKF en cardiovasculaire mortaliteit) significant lager in de groep met strikte bloeddrukcontrole (3&#x002C;5% vs 4&#x002C;6%; HR 0&#x002C;74; 95% BI 0&#x002C;60 tot 0&#x002C;92). Er was geen significant verschil tussen beide groepen op vlak van cardiovasculaire of globale mortaliteit (secundaire eindpunten). Op vlak van ernstige ongewenste effecten of renale uitkomstmaten werd geen significant verschil gezien tussen beide groepen; pati&euml;nten in de groep met striktere bloeddrukstreefwaarden hadden wel significant vaker last van hypotensie.<br \/> &nbsp;<br \/> Enkele bemerkingen: <\/p>\n<ul>\n<li>De bovengrens van de streefwaarden in de minder intensief behandelde groep bedroeg 150 mmHg&#x002C; wat boven de&#x002C; ook bij ouderen&#x002C; algemeen aanvaarde streefwaarde van 140 mmHg ligt. Men kan zich dus de vraag stellen of minstens een aantal pati&euml;nten in de minder intensief behandelde groep niet onderbehandeld zijn.<\/li>\n<li>De studie werd uitgevoerd in een uitsluitend Chinese populatie. De pathofysiologie en risicofactoren van hypertensie en cardiovasculaire aandoeningen in de Oosterse populatie verschillen sterk van deze in de Westerse populatie en de resultaten kunnen dus niet zomaar naar andere populaties ge&euml;xtrapoleerd worden.<\/li>\n<li>De Number Needed to Treat over de mediane duur van de follow up van 3&#x002C;34 jaar bedraagt 91.<br \/> Om 1 cardiovasculair event te voorkomen&#x002C; zouden 91 pati&euml;nten dus gedurende 3&#x002C;34 jaar een striktere bloeddrukcontrole met streefwaarde 110-130 mmHg systolische bloeddruk moeten krijgen en blootgesteld worden aan de ongewenste effecten&#x002C; gepaard gaand met deze strikte bloeddrukcontrole.<\/li>\n<\/ul><\/div>\n<h2> Conclusie<\/h2>\n<p>Wanneer men de werkzaamheid van lagere bloeddrukstreefwaarden wil evalueren&#x002C; lijkt het het meest correct dit te doen op basis van gerandomiseerde studies die effectief een strategie onderzoeken van aanpassing van de behandeling op basis van de huidige bloeddrukstreefwaarden. In die zin zijn de resultaten van de Cochrane-reviews relevanter voor het beantwoorden van deze vraag dan deze van de meta-analyse van de BPLTTC&#x002C; die ook placebogecontroleerde studies en onderling vergelijkende studies tussen verschillende antihypertensieve geneesmiddelen (zonder duidelijk intensief en minder intensief behandelde groep) includeerde.<br \/> De auteurs van de Cochrane reviews concluderen dat&#x002C; op basis van gegevens uit gerandomiseerde studies&#x002C; niet bewezen is dat de voordelen van een intensievere bloeddrukverlaging opwegen tegen de nadelen ervan. De STEP-studie voldoet met zijn bovengrens van 150 mmHg systolische bloeddruk in de minder intensief behandelde groep wellicht niet aan de inclusiecriteria van de Cochrane-reviews en zal de conclusies ervan dus niet veranderen.<br \/> Het BCFI ziet hiermee haar standpunt bevestigd dat de aanbevelingen voor lagere bloeddrukstreefwaarden uit de recente Amerikaanse en Europese hypertensierichtlijnen niet voldoende onderbouwd waren en dit tot op vandaag blijven. Zelfs een lichte daling van de definitie en streefcijfers bij hypertensie heeft een erg grote invloed op het aantal betrokken pati&euml;nten.&nbsp; Of en voor welke pati&euml;nten een intensievere bloeddrukverlaging een meerwaarde kan betekenen&#x002C; blijft onduidelijk op basis van de resultaten van gerandomiseerde onderzoeken.<\/p>\n<h2> Bronnen<\/h2>\n<p><span class='folia-referentie-tekst'><span class='folia-referentie-nummer'>1&nbsp;<\/span>2017 ACC\/AHA\/AAPA\/ABC\/ACPM\/AGS\/APhA\/ASH\/ASPC\/NMA\/PCNA Guideline for the Prevention&#x002C; Detection&#x002C; Evaluation&#x002C; and Management of High Blood Pressure in Adults. Via&nbsp;<a href='https:\/\/www.ahajournals.org\/lookup\/doi\/10.1161\/HYP.0000000000000065'>https:\/\/www.ahajournals.org\/lookup\/doi\/10.1161\/HYP.0000000000000065<\/a><br \/> <span class='folia-referentie-nummer'>2&nbsp;<\/span>2018 ESC\/ESH Guidelines for the management of arterial hypertension. Via:&nbsp;<a href='https:\/\/www.escardio.org\/Guidelines\/Clinical-Practice-Guidelines\/Arterial-Hypertension-Management-of'>https:\/\/www.escardio.org\/Guidelines\/Clinical-Practice-Guidelines\/Arterial-Hypertension-Management-of<\/a>. (doi:&nbsp;<a href='https:\/\/doi.org\/10.1093\/eurheartj\/ehy339'>10.1093\/eurheartj\/ehy339<\/a>)<br \/> <span class='folia-referentie-nummer'>3<\/span>&nbsp;Arguedas JA&#x002C; Leiva V&#x002C; Wright JM. Blood pressure targets in adults with hypertension. <i>Cochrane Database Syst Rev<\/i>. 2020&#x002C; Issue 12. Art. No.: CD004349. DOI: <a href='https:\/\/doi.org\/10.1002\/14651858.cd004349.pub3'>10.1002\/14651858.CD004349.pub3<\/a>.<br \/> <span class='folia-referentie-nummer'>4<\/span>&nbsp;Saiz LS&#x002C; Gorricho J&#x002C; Garjon J&#x002C; Celaya MC&#x002C; Erviti J&#x002C; Leache L. Blood pressure targets for the treatment of people with hypertension and cardiovascular disease. <i>Cochrane Database Syst Rev.<\/i> 2020&#x002C; Issue 9. Art. No.: CD010315. DOI: <a href='https:\/\/doi.org\/10.1002\/14651858.cd010315.pub4'>10.1002\/14651858.CD010315.pub4<\/a><br \/> <span class='folia-referentie-nummer'>5<\/span>&nbsp;The Blood Pressure Lowering Treatment Trialists&rsquo; Collaboration. Pharmacological blood pressure lowering for primary and secondary prevention of cardiovascular disease across different levels of blood pressure: an individual participant-level data meta-analysis. <i>Lancet.<\/i> 2021; 397: 1625-36. doi: <a href='https:\/\/doi.org\/10.1016\/s0140-6736(21)00590-0'>10.1016\/s0140-6736(21)00590-0<\/a><br \/> <span class='folia-referentie-nummer'>6<\/span>&nbsp;Zhang W&#x002C; Zhang S&#x002C; Deng Y&#x002C; Wu S&#x002C; Ren J et al. Trial of intensive blood-pressure control in older patients with hypertension.<i> <\/i><i>New Engl J Med. <\/i>2021; 385: 1268-79. doi: <a href='https:\/\/doi.org\/10.1056\/nejmoa2111437'>10.1056\/NEJMoa2111437<\/a><\/span><\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>De voorbije jaren scherpten de Amerikaanse en Europese verenigingen van  [&#8230;]<\/p>\n","protected":false},"author":9,"featured_media":0,"comment_status":"closed","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"footnotes":""},"categories":[43,42],"tags":[20213,20224],"class_list":["post-175404","post","type-post","status-publish","format-standard","hentry","category-nieuw","category-2022-nl","tag-import_tags","tag-import_tags-nl"],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.bcfi.be\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/175404","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.bcfi.be\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.bcfi.be\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.bcfi.be\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/users\/9"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.bcfi.be\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=175404"}],"version-history":[{"count":1,"href":"https:\/\/www.bcfi.be\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/175404\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":177986,"href":"https:\/\/www.bcfi.be\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/175404\/revisions\/177986"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.bcfi.be\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=175404"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.bcfi.be\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/categories?post=175404"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.bcfi.be\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/tags?post=175404"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}