Onze rubrieken ”Zwangerschap en borstvoeding” zijn voor editie 2026 van het Repertorium grondig geüpdatet. Er wordt nu bij alle geneesmiddelen(klassen) een rubriek ‘Zwangerschap en borstvoeding’ vermeld, behalve bij de zeer gespecialiseerde geneesmiddelen. In dit artikel bespreken we onze methodologie.

Sinds de editie 2026 van het Repertorium worden de Inleiding en de teksten van elk hoofdstuk om de twee jaar volledig herzien, in plaats van jaarlijks. De geüpdatete teksten worden tussen december en september op de website gepubliceerd [zie Folia september 2026].
Bij de revisie wordt elke rubriek in het Repertorium opnieuw bekeken. Dit jaar is er bijzondere aandacht besteed aan de rubriek ”Zwangerschap en borstvoeding”, met als doel deze zo volledig mogelijk te maken op basis van de beschikbare gegevens in de literatuur.
Een rubriek ‘Zwangerschap en borstvoeding’ wordt nu vermeld bij alle geneesmiddelen(klassen) in het Repertorium, behalve bij de zeer gespecialiseerde geneesmiddelen.

Onze standaardbronnen

De SKP wordt niet systematisch als primaire bron voor de rubriek “Zwangerschap en borstvoeding” gebruikt. In de SKP wordt immers vaak een defensieve houding  aangenomen (bv. ”niet gebruiken bij gebrek aan voldoende gegevens”, ook al zijn er wel gegevens beschikbaar). Daarenboven worden in de SKP’s van de verschillende specialiteiten met eenzelfde actief bestanddeel op basis van dezelfde gegevens soms verschillende standpunten ingenomen (gaande  van een absolute contra-indicatie tot “gebruik als de verwachte voordelen opwegen tegen het risico”).

We maken daarom gebruik van meerdere bronnen uit verschillende landen: zie Tabel. Indien een geneesmiddel niet in deze bronnen is opgenomen, omdat het niet beschikbaar is of pas recent is gecommercialiseerd, wordt de SKP als bron genomen en vermelden we tussen haakjes “SKP”.

 Tabel: standaardbronnen voor onze rubriek “Zwangerschap en borstvoeding”

Bron Land Gebruik
Lareb – Geneesmiddelengebruik rondom de zwangerschap Nederland Zwangerschap en borstvoeding
CRAT Frankrijk Zwangerschap en borstvoeding
Briggs, Drugs in Pregnancy and Lactation, 13de editie (2026) Verenigde Staten Zwangerschap en borstvoeding
LactMed Verenigde Staten Borstvoeding, wanneer de andere bronnen geen informatie geven of wanneer er discrepanties zijn tussen de bronnen

Zwangerschap

Er wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met gegevens bij de mens. Hoewel gegevens over teratogeniteit bij het dier vaak geen voorspellende waarde hebben voor de mens, vermelden we toch zeer ernstige problemen bij het dier wanneer er onvoldoende gegevens bij de mens beschikbaar zijn.
De meest ernstige problemen bij de mens worden in vetjes weergegeven.

Wij hanteren de volgende criteria.

  • het BCFI beschouwt zwangerschap als contra-indicatie wanneer er volgens onze standaardbronnen (zie hoger) bewezen teratogeniteit is op basis van humane gegevens. We nemen dit ook op in de rubriek “Contra-indicaties”, ook al is dit niet altijd expliciet vermeld in de SKP.
  • Bij vermoeden van teratogeniteit, perinatale problemen of langetermijneffecten op basis van humane gegevens, melden we dat gebruik tijdens de zwangerschap af te raden is. De risico’s voor moeder en kind moeten in dat geval grondig worden afgewogen tegenover het verwachte voordeel van de behandeling.
  • Als er geen aanwijzingen zijn voor aangeboren afwijkingen of andere nadelige effecten bij het kind, melden we “De gegevens over gebruik van deze preparaten tijdens de zwangerschap zijn geruststellend. Er zijn geen aanwijzingen voor aangeboren afwijkingen of andere nadelige effecten bij het kind op basis van onze bronnen.”
  • Als het is niet mogelijk is om een uitspraak te doen, melden we “Het is niet mogelijk om een uitspraak te doen over de veiligheid van gebruik van deze preparaten tijdens de zwangerschap (geen of onvoldoende informatie beschikbaar).”
  • In een aantal gevallen zijn de voordelen van (chronische) behandelingen tijdens de zwangerschap groter dan de mogelijke nadelen (bv. bij epilepsie, ernstig astma of sommige zeer ernstige depressieve beelden).

Borstvoeding

  • Er wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met gegevens bij de mens.
  • We vermelden voor welke geneesmiddelen ongewenste effecten bij de zuigeling bewezen zijn, of waarvoor er sterke vermoedens bestaan. De meest ernstige ongewenste effecten bij de zuigeling worden in vetjes weergegeven.
  • Het BCFI beschouwt borstvoeding als een contra-indicatie wanneer dit als zodanig vermeld is in onze standaardbronnen (zie hoger).
  • Als het is niet mogelijk is om een uitspraak te doen, melden we “Het is niet mogelijk om een uitspraak te doen over de veiligheid van gebruik van deze preparaten tijdens de periode van borstvoeding (geen of onvoldoende informatie beschikbaar).”
  • Wanneer er (beperkte) geruststellende gegevens beschikbaar zijn, vermelden we de volgende zin: “De (beperkte) gegevens over gebruik van deze preparaten tijdens de borstvoeding zijn geruststellend. Geen aanwijzingen van nadelige effecten bij het kind op basis van onze bronnen.”

Voor meer informatie over onze methodologie, zie Inl.2.6. Rubriek “Zwangerschap en borstvoeding”.