Chloortalidon

ATC: C03BA04

Hygroton
Ouderenzorg

Selecties

Cardiovasculair stelsel

  • Arteriële hypertensie: eerste keuze bij afwezigheid van comorbiditeiten.
  • Hartfalen: hoofdzakelijk als symptomatische behandeling van milde symptomen van vochtretentie, bij patiënten zonder ernstige nierinsufficiëntie (glomerulaire filtratiesnelheid > 30 ml/min/1,73 m²), steeds in combinatie met een basisbehandeling (ACE-inhibitor en Bèta-blokker) met bewezen effect op lange termijn.

Motivatie

  • Hypertensie: voordeel gebaseerd op sterke klinische criteria in de literatuur. Thiaziden zijn minstens zo effectief als andere soorten geneesmiddelen (Folia april 2020).
  • Hartfalen: er zijn geen gegevens over het langetermijnvoordeel van diuretica bij hartfalen, maar er is consensus dat, indien diuretica nodig zijn als symptoombehandeling van ernstige vochtretentie, dit enkel kan gebeuren als toevoeging aan een basisbehandeling met bewezen effect op lange termijn (ACE-inhibitor of bètablokker).
  • Goedkoop.

Indicatie
Arteriële
hypertensie
Hartfalen
(aanvullende therapie)
Criteria voor de selectie Werkzaamheid ++
Veiligheid + +
Gebruiksgemak
Prijs +
Expert
consensus
+


Dosering

De tabletten ’s morgens (bij voorkeur tijdens het ontbijt) of ‘s middags innemen.

Hypertensie

  • Start met 12,5 mg* 1x/d.
  • Onderhoudsdosis: 12,5 mg* à 25 mg 1x/d.

Hartfalen

  • Start met 12,5 mg* 1x/d.
  • Onderhoudsdosis: 12,5 mg* à 50 mg 1x/d.
  • Eventueel om de 2 dagen toe te dienen.

* De beschikbare specialiteiten kunnen niet in voldoende lage dosis worden gedeeld. Gelulen van 12,5 mg kunnen bereid worden op basis van een specialiteit. Een dosis van 25 mg kan bekomen worden door een tablet te delen en dient niet magistraal voorgeschreven te worden.

In geval van nierfalen

  • Thiaziden zijn minder doeltreffend bij ernstige nierinsufficiëntie (creatinineklaring < 30 ml/min).

Delen en pletten

De rubrieken hieronder verwijzen naar de geneesmiddelgroep waartoe het hier beschreven geneesmiddel behoort, indien deze beschikbaar zijn in het Gecommentarieerd Geneesmiddelen Repertorium.

Bijzondere voorzorgen

  • De kaliëmie en natriëmie controleren voordat de behandeling wordt gestart en vervolgens na 2 tot 3 weken behandeling en bij een vermoeden van elektrolytenstoornissen (bv. braken, diarree, symptomen die doen denken aan hyponatriëmie of hypokaliëmie). Met de lage doses die worden gebruikt bij hypertensie zijn elektrolytenstoornissen meestal geen probleem.
  • Tijdens acute episodes van dehydratie (diarree, braken, koorts,…) die langer dan 24u aanhouden, moet overwogen worden om tijdelijk de dosis van diuretica te verlagen of de inname stop te zetten om acute nierschade te voorkomen, zeker bij oudere of kwetsbare patiënten.
  • Thiaziden en aanverwanten zijn minder doeltreffend bij ernstige nierinsufficiëntie (creatinineklaring < 30 ml/min).
  • Hypokaliëmie, die mogelijk wordt veroorzaakt door thiaziden en aanverwanten, kan het QT-interval verlengen.

Ongewenste effecten

  • Dehydratie met het gevoel van een droge mond, orthostatische hypotensie, vertigo, verminderde eetlust.
  • Hypokaliëmie met zwaktegevoel, paresthesieën, spierkrampen vooral in de onderste ledematen (zeldzaam met de lage doses aanbevolen bij hypertensie), hyponatriëmie, magnesiumdeficiëntie.
  • Hyperuricemie (soms met jichtaanvallen).
  • Toename van de insulineresistentie met verhogen van de glykemie en hypertriglyceridemie, vooral bij hoge doses. De klinische relevantie hiervan op lange termijn is onduidelijk aangezien, ondanks deze effecten, met thiaziden toch een daling van de cardiovasculaire mortaliteit en morbiditeit bekomen wordt, ook bij diabetici.
  • Dermatitis, huiduitslag.
  • Pruritus.
  • Erectiestoornissen.
  • Zelden: trombocytopenische purpura, fotosensibilisatie; licht verhoogd risico op basocellulair en plaveiselcelcarcinoom.

Interacties

  • Overdreven bloeddrukdaling, vooral orthostatisch, bij combineren van meerdere antihypertensiva, bij associëren met nitraten, molsidomine, fosfodiësterase type 5-inhibitoren, levodopa of alcohol en bij volumedepletie.
  • Verminderd diuretisch en antihypertensief effect bij associëren met NSAID's.
  • Verhogen van het risico van verslechtering van de nierfunctie (met verhogen van het risico van acute nierinsufficiëntie) bij associëren met NSAID’s, ACE-inhibitoren of sartanen, vooral bij stenose van de nierarteriën of volumedepletie. Dit geldt zeker bij gelijktijdige behandeling met een diureticum + NSAID + ACE-inhibitor of sartaan.
  • Verhoogd risico op hypokaliëmie bij associëren met corticosteroïden, laxativa, amfotericine B of ACTH.
  • Verhoogd risico op hyponatriëmie bij associëren met SSRI’s, lisdiuretica of carbamazepine.
  • Verhoogd risico van digitalistoxiciteit in geval van hypokaliëmie.
  • Stijging van de plasmaconcentraties van lithium.
  • Verhoogd risico op hypercalciëmie bij associëren met calcium of vitamine D.
  • Vertraagde renale eliminatie van cytotoxische producten (bv. methotrexaat, cyclofosfamide) en versterking van hun myelosuppressieve effecten.

Contra-indicaties

  • Hypokaliëmie, hyponatriëmie, hypercalciëmie.
  • Allergie voor sulfamiden.
  • Actieve jicht.
  • Ernstige nierinsufficiëntie, ernstige leverinsufficiëntie (SKP).

Prijstabel