Goed om te weten
TOP 25 van de RIZIV-uitgaven voor geneesmiddelen in de ambulante zorg voor 2016

[Reeds verschenen in de rubriek “Goed om te weten“ op onze website op 08/02/18]

Naar jaarlijkse gewoonte werden recent de uitgaven van het RIZIV voor geneesmiddelen in de ambulante sector bekendgemaakt. Het betreft de top 25 van de uitgaven van het RIZIV in 2016 voor terugbetaalbare geneesmiddelen afgeleverd in de openbare apotheken; de top 25 vertegenwoordigt 35% van het totale bedrag van deze uitgaven. Naast deze 25 actieve bestanddelen bestaan er nog 740 andere waarvoor een tegemoetkoming is voorzien in de ambulante sector. De uitgaven zijn geklasseerd per actief bestanddeel [zie www.riziv.fgov.be, klik “Publicaties” en verder zoekterm “Infospot”]. 

Deze lijst bevat enerzijds dure geneesmiddelen die door een beperkt aantal patiënten worden gebruikt, bv. de TNF-remmers adalimumab en etanercept voor behandeling van reumatoïde artritis en andere immuungemedieerde aandoeningen, en stollingsfactoren voor hemofiliepatiënten. Anderzijds bevat de lijst minder dure geneesmiddelen die door een veel groter aantal patiënten worden gebruikt. Daaronder zijn er een aantal “oude bekenden” van de Top 25: omeprazol, simvastatine, bisoprolol en amoxicilline + clavulaanzuur. 

Deze lijst levert heel wat interessante informatie op. Hieronder wordt verder ingegaan op de gegevens voor de statines en de directe orale anticoagulantia (DOAC’s).

Statines

Net als vorig jaar [zie Folia april 2017] vinden we in de top 25 voor 2016 drie statines: rosuvastatine (2de plaats in de top 25), simvastatine en atorvastatine (11de en 12de plaats). In 2016 was er terugbetaling voor in totaal 1.380.463 patiënten behandeld met een van deze 3 statines, voor een bedrag van ongeveer € 121.300.000, dit is ongeveer 13% van de Top 25-uitgaven. Rosuvastatine (toen enkel Crestor®; bijgewerkt op 13/2/2018) werd, zoals in 2015, voorgeschreven aan 21% van de patiënten behandeld met een statine. Dit middel was drie- tot vier keer zo duur als andere statines en vertegenwoordigt meer dan de helft van de RIZIV-uitgaven voor de statines. Het hoge gebruik van rosuvastatine valt op, aangezien de wetenschappelijke gegevens slechts een beperkter toepassingsgebied van rosuvastatine verantwoorden [zie Folia juli 2015]. 

DOAC’s

Drie directe orale anticoagulantia (DOAC’s) zijn opgenomen in deze top 25. Dabigatran, beschikbaar sinds 2009, duikt voor het eerst op in de top 25. In totaal werden in 2016 ongeveer 172.400 patiënten behandeld met één van deze DOAC’s voor een bedrag van meer dan € 117.280.000, dit is ongeveer 12% van de Top 25-uitgaven. Voor een genuanceerde plaatsbepaling van vitamine K-antagonisten en DOAC’s verwijzen we naar de Folia van januari 2017 en de Folia van januari 2018.

Commentaar van het BCFI

Rationeel voorschrijven omvat, naast de keuze voor middelen op basis van goed gevalideerde studies, ook aandacht voor de kostprijs: de aandacht gaat hierbij vanzelfsprekend op de eerste plaats naar de gezondheidswinst van een middel voor de patiënt, maar het kostenaspect voor de gemeenschap is ook belangrijk.